Nieuws

WBG25: ‘Je ziet het pas echt als het er niet is’

Tussen lokale identiteit en regionale kracht

Wie de Westfriese Bedrijvengroep al langer kent, weet dat de grootste uitdaging nooit zit in wát je wilt bereiken, maar in hóé je dat doet. Want Westfriesland is geen homogene regio. Het is een verzameling kernen, gemeenten en ondernemersverenigingen met ieder een eigen karakter, geschiedenis en dynamiek. Juist daarin zit de kracht, maar ook de spagaat.

Vanaf het begin speelde die spanning. Aan de ene kant het besef dat ondernemers meer bereiken als ze samen optrekken. Aan de andere kant de realiteit dat belangen vaak lokaal voelen en lokaal beginnen. Dat spanningsveld loopt als een rode draad door 25 jaar WBG. Maar als je begint met het vinden van de gezamenlijke doelen en focust op de overeenkomsten ben je alles al een stap voor.

Eén stem klinkt harder

Koppie doen! bij Avontuur in 2019

Oud-voorzitter Piet Dekker herinnert zich nog goed hoe dat begon. “In het begin waren er maar zes of zeven ondernemersverenigingen aangesloten. We zijn letterlijk langs clubs gegaan om uit te leggen waarom één gezamenlijk geluid sterker is dan tien losse. Zeker richting provincie. Dan stonden er soms drie of vier voorzitters met dezelfde vraag. Dat werkt gewoon niet.”

Het idee was simpel, maar niet vanzelfsprekend: als Westfriesland zich als één regio presenteert, wordt er beter geluisterd. Dat gold voor grote dossiers zoals infrastructuur, maar ook voor thema’s als ruimte, economie en arbeidsmarkt. De Westfrisiaweg is daar een zichtbaar voorbeeld van, maar achter die ene weg zit een veel bredere beweging van samen optrekken, ook met andere regio’s. Niet alles alleen willen doen, maar weten wanneer je elkaar nodig hebt.

Tegelijkertijd bleef er altijd oog voor wat er lokaal speelde. “De onderlinge binding met de clubs blijft essentieel,” zegt Piet. “Evenementen, bijeenkomsten, elkaar blijven zien. Dat is geen bijzaak. Dat is de basis.”

Ondernemers denken niet in grenzen

Jeroen Spiekker kijkt daar vanuit bestuurlijk perspectief op terug. “Ondernemers stoppen niet bij een gemeentegrens. Vraagstukken over bedrijventerreinen, bereikbaarheid of ruimte zijn per definitie regionaal. Maar bestuurlijk was het vaak versnipperd, zeker toen Westfriesland nog uit elf of dertien gemeenten bestond.”

De WBG probeerde daarin de schakel te zijn. Niet door gemeenten tegen elkaar uit te spelen, maar door het ondernemersbelang consistent op tafel te leggen. Dat riep ook vragen op. Wat levert die paraplu boven de lokale verenigingen nou echt op? Waarom betaal je contributie aan een club die verder kijkt dan je eigen kern?

“Dat was een worsteling,” zegt Jeroen. “Zichtbaar maken wat je doet, wat je bereikt en wat verenigingen daar concreet van terugzien. Maar zonder die overkoepelende laag was er geen tegenwicht geweest.”

Regionaal denken, lokaal geworteld

“Ik vond in die tijd een bondgenoot in Jan Harder, actief in Hoogkarspel. Vanaf het begin was duidelijk dat we regionaal moesten denken. Maar de wortels van bedrijven liggen lokaal. Die gemeentelijke factor blijft belangrijk. Regionaal denken werkt alleen als lokale belangen serieus genomen worden.”

Dat vraagt iets van de organisatie. Belangenbehartiging, maar ook belangenbemiddeling. Soms betekent dat politiek bedrijven tussen verenigingen onderling. Soms betekent het accepteren dat niet elke gemeente precies hetzelfde tempo of dezelfde prioriteiten heeft. Eenheid bewaren zonder uniformiteit af te dwingen.

Verbinden gebeurt ook achter de schermen

Veel van dat werk blijft onzichtbaar. Renate van der Laan ziet dat dagelijks. “Er gebeurt ontzettend veel op regionaal en zelfs provinciaal niveau. Daardoor loopt het voor ondernemers vaak gewoon. Ze kunnen zich focussen op hun bedrijf. Dat wordt als vanzelfsprekend gezien, maar Nederland kijkt hier echt naar als voorbeeld.”

Tegelijkertijd wordt het speelveld groter. Thema’s overstijgen Westfriesland. Netcongestie, energie, arbeidsmarkt en ruimte vragen afstemming op NHN-niveau en soms landelijk. “De uitdaging is om die schaal te omarmen, zonder de lokale identiteit te verliezen.”

Lokale binding als fundament

Die lokale binding wordt actief onderhouden. Marja Beets weet dat als geen ander. Vanuit haar werk komt ze bij heel veel verenigingen over de vloer, ook ondersteunt ze Parkmanagement en organiseert ze alle bijeenkomsten. “Ik vind het belangrijk om zichtbaar te blijven in de kernen. Ik kom hier zelf vandaan. Dat gevoel van Westfriesland raak je niet kwijt door regionaal te werken, zolang je maar blijft luisteren naar iedereen.”

Initiatieven als Koppie Doen, de Dag van Westfriesland en gezamenlijke jaarvergaderingen zijn daar bewust voor ingericht. Niet als verplicht nummer, maar als momenten om elkaar te blijven ontmoeten.

Groot denken door samen klein te blijven

Hans-Peter Baars vat het misschien wel het meest praktisch samen. “Het mooiste is dat het is gelukt om vrijwel alle clubs te verbinden. Je ziet dat er onderling meer begrip en samenwerking is. Er wordt niet eindeloos vergaderd, maar doorgepakt. En bedrijven haken zelf aan. Ze willen onderdeel zijn van deze regio.”

Danny van Soelen noemt de WBG het cement tussen de stenen. “Je ziet het pas echt als het er niet is. Het kost tijd en energie, maar zonder die verbindende laag valt alles uit elkaar.”

Misschien is dat wel de kern van de spagaat waar de WBG al 25 jaar in opereert. Groot durven denken, zonder het kleine te verliezen. Regionaal spreken, met lokale wortels. Westfriesland niet gladstrijken, maar juist bij elkaar brengen.

Verbonden tijdens de gezamenlijke ALV in april 2025

Want uiteindelijk is dát wat de WBG betekent: ruimte laten voor verschillen, en toch samen zeggen: wij zijn Westfriesland.