Vanaf 1 juli 2026 verandert de manier waarop de schaarse ruimte op het elektriciteitsnet wordt verdeeld. In gebieden waar het stroomnet vol zit, komen ook kleinverbruikers op de wachtlijst voor een nieuwe of zwaardere aansluiting. Voor ondernemers betekent dit: eerder plannen, slimmer omgaan met energie en waar mogelijk samenwerken met buren, parkmanagement, gemeente en netbeheerder.
Het stroomnet wordt steeds drukker
Nederland gebruikt steeds meer elektriciteit. Huishoudens verwarmen elektrisch, koken op inductie en laden elektrische auto’s op. Bedrijven verduurzamen hun processen, stappen over van gas naar elektriciteit en investeren in laadvoorzieningen, zonnepanelen, warmtepompen of elektrische machines.
Dat is goed voor de verduurzaming, maar het zorgt ook voor extra druk op het stroomnet. Vooral tussen 16.00 en 21.00 uur is het druk. Juist op dat moment komen veel huishoudelijk en zakelijk verbruik samen. Op steeds meer plekken kan het elektriciteitsnet die pieken niet meer aan. Dat noemen we netcongestie.
Netcongestie betekent dat er tijdelijk of structureel te weinig ruimte is om alle gevraagde stroom te transporteren. Daardoor kunnen bedrijven soms niet direct een nieuwe of zwaardere aansluiting krijgen. Dat raakt groei, verduurzaming, woningbouw, laadinfra en de ontwikkeling van bedrijventerreinen.
Wat verandert er vanaf 1 juli 2026?
Tot nu toe werd er door netbeheerders capaciteit gereserveerd voor kleinverbruikers. Denk aan woningen, kleine ondernemers, winkels, horeca, kleinere MKB-bedrijven en openbare laadpalen. Daardoor konden veel kleinverbruikers ook in gebieden met netcongestie nog een nieuwe of zwaardere aansluiting krijgen.
Vanaf 1 juli 2026 verandert dat. In gebieden waar het stroomnet vol zit, worden kleine en grote aansluitingen meer op dezelfde manier behandeld. De grootte van de aansluiting bepaalt dan niet langer wie voorrang krijgt. De maatschappelijke functie wordt leidend.
Dat betekent dat ook kleinverbruikers op een geïntegreerde wachtlijst kunnen komen. Een MKB’er die wil uitbreiden, een winkelier die wil verduurzamen of een ondernemer die laadpalen wil plaatsen, kan daardoor langer moeten wachten als de aanvraag niet onder een prioriteitscategorie valt.
Wie krijgt voorrang?
De Autoriteit Consument & Markt heeft vastgesteld welke aanvragen bij schaarste voorrang kunnen krijgen. De netbeheerders moeten dit prioriteringskader toepassen.
De volgorde is grofweg als volgt:
- Congestieverzachters
Dit zijn partijen die het stroomnet juist helpen ontlasten. Denk aan batterijen, flexibel stroomgebruik of bedrijven die op piekmomenten minder stroom gebruiken. Zij krijgen voorrang omdat zij ruimte kunnen creëren voor anderen. - Vitale en veiligheidsfuncties
Denk aan ziekenhuizen, acute zorg, drinkwater, politie, brandweer, defensie, telecom voor beveiligde netwerken en andere functies die belangrijk zijn voor veiligheid en continuïteit. - Basisbehoeften
Hieronder vallen onder meer woningbouw, scholen, warmtevoorzieningen en openbaar vervoer. - Aanvragen zonder maatschappelijke prioriteit
Hieronder vallen bijvoorbeeld veel reguliere MKB-aanvragen, openbare laadpalen en grootverbruikers zonder prioriteitsstatus.
Belangrijk om te weten: voorrang betekent niet automatisch dat er meteen een aansluiting komt. Er moet wel ruimte beschikbaar zijn op het net. Prioriteren verdeelt de schaarste; het lost de schaarste niet op.
Wat betekent dit voor ondernemers?
Voor ondernemers is vooral belangrijk dat een nieuwe of zwaardere aansluiting minder vanzelfsprekend wordt. Dat geldt niet alleen voor grote bedrijven, maar ook voor kleinere ondernemers met een kleinverbruik aansluiting.
Dat kan gevolgen hebben als je bijvoorbeeld:
- je bedrijfspand wilt verduurzamen;
- van gas naar elektriciteit wilt overstappen;
- elektrische bedrijfswagens wilt laden;
- machines wilt elektrificeren;
- wilt uitbreiden of verbouwen;
- zonnepanelen, batterijen of laadpalen wilt combineren;
- een nieuw bedrijfspand ontwikkelt of betrekt.
Wie geen extra capaciteit nodig heeft, merkt op korte termijn mogelijk weinig. Maar wie plannen heeft waarvoor meer vermogen nodig is, doet er verstandig aan om vroeg te onderzoeken wat er mogelijk is.
De overgang in het kort
De overgang naar het nieuwe systeem gebeurt stap voor stap.
Voor 1 juli 2026
Het nieuwe maatschappelijke prioriteringskader is al van kracht voor grootverbruikers. Kleinverbruikers worden nog aangesloten zolang er gereserveerde capaciteit beschikbaar is.
Vanaf 1 juli 2026
Ook kleinverbruikers komen in congestiegebieden op de wachtlijst. Overgebleven gereserveerde capaciteit wordt geleidelijk vrijgegeven. Eerst komen aanvragen met maatschappelijke prioriteit aan bod.
Vanaf oktober 2026
Gemeenten en provincies krijgen de mogelijkheid om aanvragen voor woningbouw en scholen eerder in het bouwproces in te dienen. Zo moet sneller duidelijk worden of er stroom beschikbaar is voor belangrijke maatschappelijke projecten.
Vanaf 1 januari 2027
De resterende gereserveerde capaciteit wordt vrijgegeven aan de geïntegreerde wachtlijst. Als er daarna nog ruimte is, kunnen ook aanvragen zonder prioriteit worden geholpen. In veel gebieden zal dat niet genoeg zijn om wachtlijsten snel op te lossen.
Wat kun je als ondernemer nu doen?
Wachten tot het net vanzelf ruimer wordt, is geen strategie. Netuitbreiding is nodig, maar kost tijd. Op korte termijn zit de oplossing vooral in slimmer en flexibeler energiegebruik.
Ondernemers kunnen nu al een aantal stappen zetten:
- Breng je energieprofiel in kaart
Kijk wanneer je bedrijf de meeste stroom gebruikt. Zit je vooral in de piek tussen 16.00 en 21.00 uur, of kun je verbruik verschuiven? - Onderzoek flexibiliteit
Kunnen processen op andere momenten draaien? Kun je laden buiten piekuren? Is een batterij interessant? Kun je pieken afvlakken? - Denk vooruit bij groei en verduurzaming
Vraag niet pas een zwaardere aansluiting aan als de verbouwing of investering al loopt. Neem netcapaciteit vroeg mee in je plannen. - Zoek samenwerking met buren
Zeker op bedrijventerreinen kan samenwerking verschil maken. Denk aan energiehubs, gezamenlijke opslag, slim laden of het beter verdelen van vraag en aanbod. - Gebruik bestaande organisaties
Ondernemersverenigingen, parkmanagement, gemeenten, Ontwikkelingsbedrijf Noord-Holland Noord en de WBG kunnen helpen om signalen te bundelen en partijen bij elkaar te brengen.
Samenwerken wordt belangrijker
Netcongestie is geen individueel probleem meer. Het raakt hele bedrijventerreinen, winkelgebieden, dorpskernen en sectoren. Daarom wordt samenwerking steeds belangrijker. Niet alleen tussen ondernemers en netbeheerders, maar ook tussen ondernemers onderling.
Voor de Westfriese Bedrijvengroep is dit precies waarom organisatiegraad ertoe doet. Bedrijven die elkaar kennen, informatie delen en samen optrekken, kunnen sneller schakelen. Bijvoorbeeld door op bedrijventerreinen te kijken naar gezamenlijke energieoplossingen, slimme laadstructuren of collectieve afspraken over piekbelasting.
Ook richting gemeenten en provincie is een georganiseerd ondernemersgeluid belangrijk. Want netcapaciteit raakt niet alleen individuele bedrijven, maar ook woningbouw, bereikbaarheid, verduurzaming, arbeidsmarkt en economische groei.
Prioriteren is geen oplossing, maar een noodmaatregel
De nieuwe regels zorgen voor meer duidelijkheid over de volgorde op de wachtlijst. Dat is nodig in een tijd van schaarste. Maar het belangrijkste blijft: er moet meer ruimte komen op het elektriciteitsnet.
Die ruimte ontstaat op twee manieren. Op de lange termijn door uitbreiding en verzwaring van het net. Op de korte termijn door slimmer gebruik van de capaciteit die er al is. Flexibel verbruik, batterijen, energiehubs en samenwerking op bedrijventerreinen worden daardoor steeds belangrijker.
Voor ondernemers is de boodschap helder: neem energie eerder mee in je plannen, wacht niet tot de aansluiting het probleem wordt en zoek de samenwerking op. Want in een vol stroomnet geldt meer dan ooit: alleen kom je vast te zitten, samen kom je verder.